maandag 9 mei 2016

10 dingen die ik leerde tijdens een workshop smartphonefotografie met Vicky Bogaert

Laatst nam ik deel aan een workshop smartphonefotografie met Vicky Bogaert in Museum M in Leuven. De mensen van Visit Leuven zijn er immers van overtuigd dat een mooi snapshot met je smartphone steeds binnen handbereik ligt, en dat je via een aantal tips&tricks snel tot mooie resultaten komt.

Daar wilde ik graag meer over leren!


Dat het een zeer leerrijke workshop zou worden, werd al vrij snel duidelijk. Omdat ik jullie onmogelijk alle tips kan presenteren, heb ik de belangrijkste zaken gebundeld in 10 dingen die ik leerde tijdens de workshop smartphonefotografie:

1. Een smartphonesensor is klein

Of toch veel kleiner dan de sensor in een spiegelreflexcamera. Overdag bij voldoende licht geeft dat weinig problemen, maar wanneer het erg donker wordt laat de kwaliteit van je smartphonefoto's te wensen over. Snel zijn of extra lichtbronnen inschakelen is de boodschap!

2. Zoom niet in


Je smartphone kan enkel digitaal inzoomen omdat er geen regelbare lens opzit. Inzoomen in smartphonetaal betekent enkel een stuk uit je foto snijden, met een gigantisch kwaliteitsverlies tot gevolg. Je neemt je foto best zo breed mogelijk en kan nadien nog wat bijsnijden via een app of je computer, want dat geeft een veel betere kwaliteit.

3. Overweeg een lenzenkit

Als bijsnijden je maar niets lijkt en als je toch heel graag wil inzoomen on the field, kan je altijd de aankoop van een lenzenkit overwegen. Voor een paar euro's vind je al een goede set met doorgaans een tele-, breedhoek- en fisheyelens in. Je klikt ze eenvoudigweg op je smartphone en hop, inzoomen zonder kwaliteitsverlies ligt binnen handbereik!

4. Hou je smartphone zo ver mogelijk wanneer je selfies maakt

Hoe dichter je je smartphone bij je object houdt, hoe boller en groter het lijkt. Schitterend principe wanneer je een bloem van dichtbij wil fotograferen, maar heel wat minder flatterend wanneer je je eigen gezicht wil vastleggen. Om bolle kaken en haakneuzen te vermijden hou je je telefoon best zo ver mogelijk en snij je je foto nadien wat bij.

5. Gebruik een raster


Meestal kan je een raster met hulplijnen op je scherm weergeven om je wat te gidsen bij je composities. Zeer handig wanneer je een horizon perfect recht wil krijgen zonder achteraf nog aan je foto te moeten prutsen. Want zeg nu zelf, een zee die naar links of rechts afhelt komt niet echt natuurlijk over, toch?

6. Volg de regel van 3


De regel van 3 houdt in dat je je object niet pal in het midden van je beeld zet, maar wat meer naar de kant. Op 1/3de van de rand om precies te zijn. Dit maakt je foto dynamischer en boeiender, zonder in complete chaos te vervallen. Het raster uit punt 5 kan je overigens prima begeleiden bij je compositie.

7. Werk met negatieve ruimte


Je kan ook even wild doen en variëren op de regel van 3 door je object nog meer naar de kant te verschuiven, waardoor je een op het grootste deel van je foto enkel lucht of vloer te zien krijgt. Deze techniek is vooral op helderblauwe dagen met een occasioneel wolkje een heuse winner. En bij architectuurfoto's doet ie het ook goed.

8. Beter onder- dan overbelichten 


Soms zijn de lichtomstandigheden echt niet evident (denk aan tegenlicht), maar wil je toch graag een foto maken. In geval van twijfel kan je je foto best wat onderbelichten in plaats van over te belichten: van een te donkere foto kan je nadien nog iets helder maken, een overbelichte foto is meestal verloren.

9. Check de HDR-functie

Een variant op punt 8: de HDR-functie. Als je deze activeert maakt je smartphone telkens 3 foto's van hetzelfde onderwerp: eentje overbelicht, eentje onderbelicht en eentje ertussenin. Door die 3 foto's samen te voegen creëert je smartphone een soort gulden middenweg tussen over- en onderbelicht. Nadeel is wel dat een HDR-foto een zwaar bestand is en veel geheugen inneemt, en dat het ook geen spectaculaire resultaten oplevert.

10. Maak meerdere foto's van hetzelfde onderwerp 

Heel banaal, maar het werkt wel zeer goed. Vermits je toch digitaal fotografeert hoef je niet op een foto meer of minder te kijken. Probeer verschillende standpunten uit, varieer in je compositie en speel wat met de belichting: de kans is groot dat het je toch minstens één mooie foto oplevert :-)

Wil je zelf ook graag aan de slag met je smartphone? Check dan zeker Iedereen Smartphonefotograaf, het boek van fotografe Vicky Bogaert. Veel succes!

0 reacties: